Naar hoofdinhoud
1.. Een gemandateerde kan voor een bepaald geval ter uitoefening van een aan hem gemandateerde bevoegdheid mondeling ondermandaat verlenen, tenzij de aard van de mandaatverlening vanuit het oogpunt van rechtszekerheid zich daarvoor niet leent. 2.. De directieleden en de afdelingsmanagers zijn bevoegd om voor de uitoefening van de aan hen toebedeelde bevoegdheden schriftelijk een algemeen ondermandaat te verlenen, tenzij dat in het mandaatregister is uitgesloten. Een afdelingsmanager kan alleen ondermandaat verlenen aan de functionarissen binnen de eigen afdeling. 3.. De afdelingen leggen jaarlijks een lijst met ondermandaten ter goedkeuring voor aan het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester, voor zover in het bij dit besluit behorende mandaatregister niet is voorzien in het ondermandaat. 4.. Het bepaalde in dit Mandaatbesluit over mandaat is, voor zover relevent, tevens van toepassing op ondermandaat.

Rechtspraak bij dit artikel