Naar hoofdinhoud

Artikel 15.

Intrekken van de omgevingsvergunning

Onderdeel van Erfgoedverordening Schouwen-Duiveland 2018

1. De omgevingsvergunning, bedoeld in Artikel 14 lid 1, kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken: a. als de verlening berust op onjuiste of onvolledige gegevens en de juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid; b. voor zover veranderde omstandigheden of feiten met betrekking tot de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is verleend, zich in overwegende mate tegen voortzetting of ongewijzigde voortzetting van die activiteit verzetten; c. indien blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in Artikel 14 lid 1 niet naleeft; d. indien binnen 26 weken na het onherroepelijk worden van de vergunning geen begin met de werkzaamheden is gemaakt; e. indien de werkzaamheden langer dan een aaneengesloten periode van 26 weken hebben stilgelegen; f. op verzoek van de vergunninghouder. g. De beschikking tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de gemeentelijke monumentencommissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel