Naar hoofdinhoud

Artikel 9a.

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en pgb’s (alleen Wmo)

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp West Maas en Waal 2018

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn partner. De bijdrage, dan wel het totaal van de bijdragen, wordt bepaald door het CAK op basis van ‘eigen bijdrage parameters en tarieven’ en is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het uitvoeringsbesluit Wmo een lagere bijdrage is verschuldigd. Geen eigen bijdrage is verschuldigd voor rolstoelen. De kostprijs van een: maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK vastgesteld en geïnd. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel