Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.3

Vereisten voor de subsidieaanvraag

Onderdeel van Algemene subsidieverordening (9.16)

1.. Bij een subsidieaanvraag moet een instelling, voor zover nog niet in het bezit van het college, de volgende bescheiden overleggen: een afschrift van de oprichtingsakte van de instelling, de statuten zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd, het huishoudelijk reglement dan wel andere nader aan te wijzen stukken waaruit de doelstelling van de instelling blijkt; een opgave van de samenstelling van het bestuur op het moment van de subsidieaanvraag; de exploitatierekening over het afgelopen boekjaar en de balans op de laatste dag van dat boekjaar voorzien van een toelichting en een inhoudelijk verslag; een activiteitenplan voor de periode waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft; een gespecificeerde begroting van de baten en lasten voor de betreffende subsidieperiode en voor zover deze betrekking hebben op het activiteitenplan waarvoor subsidie wordt aangevraagd; een onderbouwing van het gevraagde subsidiebedrag. 2.. Bij een subsidieaanvraag voor een projectsubsidie moet een instelling tevens de meerwaarde en de looptijd van het project aangeven. 3.. Bij een subsidieaanvraag voor een waarderingssubsidie is het bepaalde in eerste lid, onder c, e en f, van dit artikel niet van toepassing, maar moet een beschrijving van de inhoud en doelstelling van de activiteiten voor de periode waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, worden overgelegd. 4.. Bij een aanvraag om subsidie maakt een instelling gebruik van het door het college vastgestelde aanvraagformulier.

Rechtspraak bij dit artikel