Naar hoofdinhoud
1.. De leden van het dagelijks bestuur geven, tezamen dan wel afzonderlijk, aan het algemeen bestuur, actief en wanneer dit bestuur of een of meer leden hierom verzoekt c.q. verzoeken, alle gevraagde inlichtingen. Het verstrekken van gevraagde inlichtingen gebeurt mondeling in de eerstvolgende vergadering van het algemeen bestuur en indien het algemeen bestuur of het dagelijks bestuur daartoe besluit, tevens schriftelijk. 2.. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur. Zij leggen verantwoording af aan het algemeen bestuur. Het afleggen van verantwoording gebeurt mondeling in de eerstvolgende vergadering van het algemeen bestuur uit eigen beweging of na een daartoe strekkend verzoek en indien het algemeen bestuur of het dagelijks bestuur daartoe besluiten, tevens schriftelijk. 3.. Een lid van het dagelijks bestuur kan door het algemeen bestuur worden ontslagen, indien dit lid het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezit. In dit geval is de procedure genoemd in de artikelen 49 en 50 van de Gemeentewet en de Provinciewet van overeenkomstige toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel