Naar hoofdinhoud
1.. Het dagelijks bestuur zendt de algemene financiële en beleidsmatige kaders uiterlijk voor 15 april voorafgaande aan het jaar waarvoor deze kaders dienen aan de raden en de staten. De raden en provinciale staten kunnen hun zienswijze binnen 8 weken na de datum van ontvangst van het ontwerp ter kennis brengen aan het dagelijks bestuur. 2.. Het dagelijks bestuur voegt de ontvangen commentaren waarin de in het eerste lid bedoelde gevoelens zijn vervat bij de kadernota als deze voor vaststelling aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 3.. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerp jaarrekening uiterlijk voor 15 april van het jaar volgend op het jaar waarop de rekening betrekking heeft toe aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan provinciale staten. De raden en provinciale staten kunnen binnen acht weken na toezending van de ontwerprekening van hun gevoelen doen blijken. 4.. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin de in het derde lid bedoelde gevoelens zijn vervat bij de ontwerpjaarrekening als deze voor vaststelling aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 5.. De artikelen 190 tot en met 219 van de Provinciewet zijn op de procedure met betrekking tot de vaststelling van de jaarrekening van overeenkomstige toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel