Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.3

Uitraasruimte

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Montferland 2018

Bepaalde stoornissen van cliënten met een beperking, bijvoorbeeld hyperactiviteit en moeilijkheden in het doseren van omgevingsprikkels, kunnen aanleiding geven tot problemen bij het verblijf in de woning. Deze problemen kunnen worden opgevangen door in de woning over een uitraaskamer te beschikken. Onder een uitraaskamer wordt verstaan een verblijfsruimte waarin een cliënt die vanwege een gedragsstoornis ernstig ontremd gedrag vertoont zich kan afzonderen of tot rust kan komen. Indicaties waaruit blijkt dat iemand aangewezen kan zijn op een uitraaskamer zijn: De cliënt beschadigt zichzelf (zelfverwonding) De cliënt beschadigt de omgeving (vernielzucht) Er is sprake van niet corrigeerbaar gedrag door ongecontroleerde driftbuien of overmatige apathie De uitraaskamer is bedoeld om de cliënt, die bovenstaande problemen ondervindt tegen zichzelf te beschermen. Ook worden de ouders/verzorgers hierdoor in staat gesteld beter toezicht uit te oefenen. Daarbij gaat het er om dat de uitraaskamer het belang van de cliënt dient. Gaat het bij de gevolgen van de gedragsproblemen niet om de belangen van de cliënt, maar om die van anderen, bijvoorbeeld doordat zij bestaan uit hinder voor die anderen, dan is er geen sprake van een uitraaskamer in de zin van de Wmo. Verder zal het college moeten beoordelen of het de maatwerkvoorziening kan weigeren omdat het niet verantwoord is om in de eigen leefomgeving te blijven en de cliënt toegang kan krijgen tot de Wlz. Hoe zo’n ruimte er precies uit moet zien hangt af van de individuele situatie. Het is belangrijk dat de uitraasruimte prikkelarm is, dus met zo min mogelijke losse voorwerpen en gebruikte materialen zonder uitstekende delen. Inrichtingselementen en zaken voor zorg- of oppas (bijvoorbeeld en camerasysteem) vallen niet onder de ondersteuningsplicht van het college. Dit kan worden opgelost door een raam in de deur van de ruimte te zetten. Ook geluidsisolatie om huisgenoten of buren tegen lawaai te beschermen valt niet onder de ondersteuningsplicht. Een arts en/of ergonomisch adviseur bepalen de noodzaak en de eisen voor een uitraasruimte in geval een medisch advies noodzakelijk is om de aanspraak te beoordelen. In het algemeen zal sprake zijn van het aanpassen van een bestaande slaapkamer.

Rechtspraak bij dit artikel