Deze verordening verstaat onder:
gemeentelijk monument: een overeenkomstig deze verordening als beschermd gemeentelijk monument aangewezen:
zaak, die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde;
terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige zaak bedoeld onder 1;
gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn geregistreerd de overeenkomstig deze verordening als gemeentelijk monument aangewezen zaken of terreinen bedoeld in onderdeel a;
rijksmonument: beschermd monument als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wetalgemene bepalingen omgevingsrecht;
beschermd stads- of dorpsgezicht: beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 9.1 van de Erfgoedwet.
adviesteam ruimtelijke kwaliteit: commissie met als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van de Erfgoedwet 2016, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de verordening;
landelijke Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden: landelijke kaart met een schaal van 1:50.000, die op basis van geomorfologische gegevens, de kans weergeeft op de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen, waarbij onderscheid wordt gemaakt in hoge, middelhoge, lage en zeer lage trefkans;
provinciale Archeologische Monumentenkaart: topografische kaart van (delen van) het provinciale grondgebied, waarop archeologische monumenten en archeologische gebieden zijn aangegeven;
gemeentelijke archeologische beleidskaart: de bij deze verordening horende kaart, waarop de gebieden met archeologische waarden en verwachtingen zijn aangegeven;
archeologisch verwachtingsgebied: gebied, aangegeven op de archeologische waardenkaart, waarvan is aangegeven dat in bepaalde mate archeologische vondsten of sporen te verwachten zijn;
hoge verwachtingswaarde: grote kans op archeologische vondsten of informatie;
middelhoge verwachtingswaarde: gemiddelde kans op archeologische vondsten of informatie;
lage verwachtingswaarde: kleine kans op archeologische vondsten of informatie;
plan van aanpak: plan dat weergeeft hoe een archeologische uitvoerder de vragen zoals omschreven in het programma van eisen denkt te gaan beantwoorden;
programma van eisen: programma dat door het college wordt vastgesteld en waarmee kaders worden gesteld voor het ontwerp en de uitvoering van archeologisch onderzoek;
bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leusden;
vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
activiteit: activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder a of h van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
bouwhistorisch onderzoek: in schriftelijke rapportage vastgelegd onderzoek naar de bouwgeschiedenis en de bouwhistorische kwaliteit van een monument;
selectiebesluit: een archeologisch inhoudelijke afweging na een onderzoeksfase over eventuele archeologische vervolgstappen;
archeologisch onderzoek: onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die over een certificaat beschikt;
certificaat: een certificaat als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de Erfgoedwet.