Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3:

Artikel 14.

Persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Winterswijk 2018

1.. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2.. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 3.. De hoogte van een pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. wordt gebaseerd op de bedragen in de door het Nibud vastgestelde Prijzengids. 4.. De hoogte van een pgb voor: Een zaak: wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de zaak die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering; Huishoudelijke hulp: Hulp bij huishouden op basis van dienstverlening aan huis / Alfahulp is gebaseerd op: Basisloon (CAO VVT voor huishoudelijk werk, FWG10 trede 4 (2017). Vakantietoeslag 8% en vergoeding voor doorbetaalde vakantie van 4 weken. Vergoeding voor vrijwillige verzekering voor ziektewet of WW aangevuld met een vergoeding voor bemiddelingskosten; Hulp bij huishouden door een daartoe niet opgeleid persoon of uit het sociaal netwerk van de aanvrager wordt bepaald op basis van de uitgangspunten voor PGB alfa minus de bemiddelingskosten. Hulp bij huishouden door een niet gecontracteerde aanbieder of daartoe opgeleide beroepskracht wordt bepaald op basis van het gecontracteerde uurtarief minus 15% voor de overhead en bedraagt niet minder dan het laagst van toepassing zijnde tarief dat hiervoor wordt gehanteerd door een door de gemeente gecontracteerde aanbieder. Begeleiding en Logeren: Ondersteuning gericht op ontwikkeling of stabilisering individueel of in groepsverband of logeren: 1◦. Door een daartoe opgeleid persoon; of 2◦. waarvoor bijzondere deskundigheden zijn vereist; wordt berekend op basis van ‘het gemiddelde Achterhoekse ZIN tarief minus 15% overhead’ tenzij dit tarief onder het laagste Achterhoekse ZIN tarief komt. In dat geval wordt uitgegaan van het laagste Achterhoekse ZIN tarief. Individuele begeleiding uitgevoerd door een persoon uit het sociale netwerk: Gelet op de genoemde uitgangspunten van de Wmo 2015 is het reëel dat voor ondersteuning ingekocht bij het sociale netwerk het pgb zodanig is vastgesteld dat dit niet als een inkomens voorziening gaat gelden. Een tarief van € 18,50 maakt duidelijk dat ondersteuning vanuit het sociale netwerk van een andere orde is dan ondersteuning verleend door derden of gecontracteerde aanbieders. Met een tarief van € 18,50 maakt dit duidelijk en is zodanig dat ondersteuning uit het sociale netwerk niet wordt uitgesloten. Vervoer De pgb bedraagt voor vervoersvoorzieningen niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura. Voor het aantal vervoerskilometers dat een persoon per jaar nodig heeft geldt een norm van maximaal 1500 tot 2000 kilometer per jaar. Als de vervoersbehoefte beperkter is wordt een lagere norm aangehouden. De tarieven voor het collectief vraagafhankelijk vervoer voor Wmo-geïndiceerden per 1 januari 2018 worden indien nodig jaarlijks opnieuw vastgesteld. Vervoer ten behoeve van groepsondersteuning wordt berekend op basis van ‘het gemiddelde Achterhoekse ZIN tarief op 1 januari van 2018 minus 15% overhead’ tenzij dit tarief onder het laagste Achterhoekse ZIN tarief komt van die datum. In dat geval wordt uitgegaan van het laagste Achterhoekse ZIN tarief op 1 januari 2017. Voor 2018 wordt het PGB tarief 2017 geïndexeerd conform de indexering van ZIN tarieven 2018. Het lokaal verplaatsen per vervoermiddel / verplaatsen in en rond de woning De pgb bedraagt voor vervoersvoorzieningen niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura. De hoogte van een PGB voor een zaak wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de zaak die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de zaak in natura zou zijn verstrekt. Als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de zaak technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering; Jaarlijks wordt er een bedrag verstrekt voor onderhoud en reparatie, gebaseerd op het gemiddelde bedrag voor onderhoud en reparatie van het voorafgaande jaar. Verstrekking van dit bedrag gaat in, 1 jaar na aanschaf van de voorziening. Woonvoorzieningen en aanpassingen De financiële tegemoetkoming minus het eigen aandeel OF het pgb minus de eigen bijdrage voor woonvoorzieningen wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte. Woonvoorzieningen waarvan de kosten het bedrag van € 50.000,- te boven gaan worden niet verleend, tenzij weigering van de betrokken woonvoorziening – gelet op het belang dat de Wet beoogt te beschermen – zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. 5.. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk als tussenpersonen of belangenbehartigers niet uit het pgb worden betaald. 6.. Het tarief voor begeleiding door een niet daartoe opgeleid persoon die mantelzorger is of door een persoon die afkomstig is uit het sociale netwerk van de cliënt, zijn gebaseerd op het gemiddelde van het hoogste en laagste regionale Achterhoekse tarief sociaal netwerk begeleiding Wmo (inclusief beschermd wonen) en jeugdhulp in 2016.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel