Naar hoofdinhoud
Inleiding In artikel 2.2.2 van de Wmo staat dat het college algemene maatregelen treft ter bevordering van mantelzorg en vrijwilligerswerk en ter ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers, die noodzakelijk zijn ter uitvoering van het plan, bedoeld in artikel 2.1.2, tweede lid. Dit betreft met name logeeropvang. Artikel 2.3.3. van de Wmo bevat een opdracht aan gemeenten om in spoedeisende gevallen een tijdelijke maatwerkvoorziening te verstrekken. Het kan gaan om een breed scala van verzoeken om acute ondersteuning. Het college moet onverwijld beslissen tot het vertrekken van de tijdelijke maatwerkvoorziening, in afwachting van de uitkomst van het onderzoek. Afwegingskader Om in aanmerking te komen voor een individuele maatwerkvoorziening voor spoedzorg, logeeropvang of crisisopvang worden er een aantal afwegingen gemaakt. Allereerst wordt er gekeken of er andere eigen mogelijkheden zijn, bijvoorbeeld opvang in een zorghotel; Daarna wordt beoordeeld of er sprake is van gebruikelijke zorg. Hiervan is sprake indien er een huisgenoot aanwezig is, die in staat kan worden geacht voor de opvang te zorgen. Dit is een persoon die ofwel op basis van een familieband, ofwel op basis van een bewuste keuze één huishouden vormt met de persoon die beperkingen ondervindt. Een huisgenoot is bijvoorbeeld een inwonend kind, maar zijn ook inwonende ouders; Als al het voorafgaande niet geleid heeft tot een oplossing van het probleem wordt er gekeken naar een individuele maatwerkvoorziening. De hulp wordt door het college toegekend in de vorm van Zorg in natura (Zin). Voorliggende voorzieningen Tijdens het gesprek wordt er als eerst afgewogen of er voorliggende voorzieningen zijn waar de inwoner gebruik van kan maken, zoals de wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverzekeringswet (Zvw). Zo is de Wlz van toepassing bij verblijf met langdurige zorg of bij iemand die al een Wlz indicatie heeft. Of de zorgverzekering bij opvang van ouderen die vanwege medische redenen tijdelijk niet thuis kunnen wonen (eerstelijns verblijf). Voor spoedzaken bij jeugd wordt de spoedeisende zorg van Jeugdbescherming Gelderland ingeschakeld. Collectieve en individuele maatwerkvoorzieningen Logeeropvang/Respijtzorg/deeltijdverblijf Dit betreft tijdelijke opvang zodat de mantelzorger ontlast wordt, bijvoorbeeld door overbelasting of omdat de mantelzorger zelf tijdelijk wordt opgenomen. Daarnaast kan logeeropvang iemand met een beperking voorbereiden op meer zelfstandigheid en zelfredzaamheid of voorbereiden op wonen in een instelling. Er is bij de opvang geen geneeskundige of verpleegkundige zorg nodig (dan is het namelijk zorgverzekering of WLZ). Er geldt een eigen bijdrage voor deze opvang. Spoedopvang Dit is (volgens raamovereenkomst maatwerkvoorzieningen Wmo) niet uitstelbare hulp bij ondersteuning als gevolg van: plotselinge wijzigingen in de gezondheidssituatie van personen; beëindiging van opname in ziekenhuis of zorginstelling; de uitval van informele hulp vanuit sociale verbanden welke ertoe leiden dat de persoon in kwestie cq de van zijn wooneenheid deel uitmakende personen, fysieke en/of mentaal niet in staat is te achten op afdoende wijze te voorzien in: activiteiten in het huishouden; het behouden van een stabiele thuissituatie; participatie in de samenleving en daarom op zo kort mogelijke termijn – uiterlijk binnen 24 uur – moet worden voorzien in adequate ondersteuning. Duur van de spoedopvang is maximaal 8 weken en tijdens de opname zet de huisarts de behandeling voort (dit valt nl. onder de Zvw). De cliënt ontvangt ondersteuning bij de persoonlijke verzorging van de instelling en regelt zelf de medicatie via de eigen apotheek. De cliënt betaalt een inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor de spoedopvang aan het CAK en de instelling informeert de cliënt hierover. Crisisopvang via de Wmo betreft “niet uitstelbare hulp bij ondersteuning” ten gevolge van: onverwachte huisuitzetting; feitelijke dakloosheid; acute psychiatrische aanleiding dan wel acute beëindiging van opname in een zorginstelling, psychiatrische kliniek of maatschappelijke Opvang; de uitval van informele hulp vanuit sociale verbanden welke ertoe leiden dat de persoon in kwestie c.q. de van zijn wooneenheid deel uitmakende personen, fysiek en/of mentaal niet in staat is te achten op afdoende wijze te voorzien in: activiteiten in het huishouden; het behouden van een stabiele thuissituatie; participatie in de samenleving en daarom op zo kort mogelijke termijn – uiterlijk binnen 24 uur - moet worden voorzien in adequate opvang. Deze opvang houdt in het tijdelijk bieden van onderdak, begeleiding, informatie en advies. De concrete werkafspraken worden nader uitgewerkt in de werkinstructies. Mantelzorgers Middels bovengenoemde maatwerkvoorziening Logeeropvang/respijtzorg en deeltijdopvang worden mantelzorgers ontlast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel