** 1. .** In aanvulling op artikel 1, tweede lid, van deze beleidsregels wordt deze paragraaf verstaan onder:
bijstand: algemene bijstand zoals bedoeld in artikel 5, onderdeel b, van de PW;
BW: Burgerlijk Wetboek
geldlening: een geldlening als bedoeld in artikel 50, tweede lid, van de PW;
krediethypotheek: een te vestigen zekerheidsrecht in de vorm van een hypotheek of pandrecht indien bijstand in de vorm van een geldlening wordt verleend;
pandrecht: het recht van pand op roerende zaken, bedoeld in artikel 3:227 BW;
registergoed: een goed als bedoeld in artikel 3:10 BW;
woning: het woonhuis, woonschip of de woonwagen welke door belanghebbende en zijn gezin wordt bewoond en waarvan hij eigenaar is.
** 2. .** De regels die in deze paragraaf zijn opgenomen over het vestigen van een hypotheek worden op vergelijkbare wijze toegepast ten aanzien van het vestigen van een pandrecht.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 4
Artikel 15.
Aanvullende begripsbepalingen
Onderdeel van Tekstplaatsing van de Verzamelbeleidsregels 2018 Participatiewet, IOAW en Bbz, bekendgemaakt 28 december 2017, gmb 2017-233824