Het persoonsgebonden budget voor de verhuiskosten bedraagt€ 1.820,00.
Bij het bepalen van de hoogte van het persoonsgebonden budget voor een woningsanering wordt rekening gehouden met de reeds verlopen afschrijvingsperiode:
- 100% indien het artikel niet ouder is dan twee jaar;
- 75% indien het artikel tussen de twee en vier jaar oud is;
- 50% indien het artikel tussen de vier en zes jaar oud is;
- 25% indien het artikel tussen de zes en acht jaar oud is.
- 0% indien het artikel ouder is dan acht jaar.
Als normbedragen worden gehanteerd:
voor zeil of linoleum € 53,- per strekkende meter, inclusief egalisatiekosten;
gordijnen: € 15,- per meter voor rolgordijnen of een ander soort gladde gordijnen.
Het persoonsgebonden budget voor onderhoud, keuring en reparatie bedraagt 8% van het geaccepteerde offertebedrag met een maximum van:
€ 450,00 voor trapliften en woonhuisliften
€ 370,00 voor platformliften, hefplateauliften, balansliften, de mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, bad of wastafel en de elektromechanische openings- en sluitingsmechanismen van deuren.
Het persoonsgebonden budget voor het bezoekbaar maken van de woning bedraagt maximaal € 2.500,--.
Het persoonsgebonden budget voor tijdelijke huisvesting is gelijk aan de werkelijk gemaakte kosten, met een maximum van het bedrag genoemd in artikel 13 lid 1 sub a van de Wet op de Huurtoeslag. De periode waarvoor een vergoeding wordt verstrekt bedraagt maximaal zes maanden. Verlenging van deze termijn met drie maanden is mogelijk.
Indien de technische levensduur van de woonwagen of het woonschip, ten tijde van de indiening van de aanvraag, minder dan vijf jaar bedraagt of de standplaats van de woonwagen binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt of het woonschip niet tenminste nog vijf jaar op de ligplaats mag liggen, wordt er slechts een voorziening verleend tot een bedrag van € 2.000,-.
Het persoonsgebonden budget voor een woonvoorziening, die niet valt onder een van de in de vorige leden genoemde woonvoorzieningen, wordt vastgesteld op het bedrag zoals vermeld in de geaccepteerde offerte (conform het programma van eisen) of de tegenwaarde van het bedrag zoals opgenomen in normlijsten met gecontracteerde leveranciers. Indien wordt uitgegaan van een offerte, dan is de hoogte van het pgb maximaal het bedrag dat zou gelden op grond van de normlijsten woningaanpassingen, voor zover de betreffende woonvoorziening voorkomt op deze lijst.
HOOFDSTUK 6
Artikel 6.1