Naar hoofdinhoud
De medewerker is verplicht elke nevenwerkzaamheid schriftelijk te melden aan zijn directeur, indien de nevenwerkzaamheid de belangen van de dienst, voor zover deze in verband staan met zijn functievervulling, kan raken. Indien de medewerker zelf directeur is, meldt hij zo'n nevenwerkzaamheid bij Gedeputeerde Staten. Indien de medewerker twijfelt of de meldingsplicht, bedoeld in het eerste lid, van toepassing is bespreekt de medewerker de eventuele melding met zijn directeur respectievelijk met een lid van Gedeputeerde Staten.

Rechtspraak bij dit artikel