Naar hoofdinhoud
8.. Het college bepaalt welke vervoersvoorziening het meest passend is. 9.. De volgende vormen worden onderscheiden: Een tegemoetkoming in de kosten per kilometer indien de ouders/personen uit het sociaal netwerk de jeugdige/cliënt zelf vervoeren of laten vervoeren, op basis van een vastgesteld tarief. Een tegemoetkoming in de kosten van openbaar vervoer indien de jeugdige/cliënt zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kan maken; Een tegemoetkoming in de kosten van openbaar vervoer met begeleider indien kan worden aangetoond dat de jeugdige/cliënt niet in staat is om zelfstandig van openbaar vervoer gebruik te maken; Een tegemoetkoming in de kosten van aangepast vervoer indien de jeugdige/cliënt met gebruikmaking van openbaar vervoer naar de locatie voor jeugdhulp/dagbesteding en terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan worden teruggebracht. de jeugdige/cliënt, gelet op zijn structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap niet in staat is – ook niet onder begeleiding – van openbaar vervoer gebruik te maken. door de ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat begeleiding van de jeugdige door henzelf of anderen onmogelijk is dan wel tot ernstige benadeling van het gezin zal leiden en een andere oplossing niet mogelijk is.

Rechtspraak bij dit artikel