In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Algemene beleidsregels: Beleidsregels algemene en bijzondere bijstand Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004;
beschermingsbewind: onderbewindstelling van een of meer goederen ter bescherming van meerderjarigen als bedoeld in titel 19, boek 1 van het Burgerlijk Wetboek;
familiebewindvoerder: de bewindvoerder als bedoeld in artikel 1:435, vierde lid van het Burgerlijk Wetboek en artikel 1 van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
in aanmerking te nemen vermogen: vermogen dat meer bedraagt dan het vrij te laten vermogen als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet;
inkomen: totaal van het inkomen bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet en de algemene bijstand waarover belanghebbende alleen of als gehuwd tezamen met zijn echtgenoot beschikt;
professioneel bewindvoerder: de bewindvoerder bedoeld in artikel 1: 435, zevende lid van het Burgerlijk Wetboek en artikel 3 van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
van toepassing zijnde bijstandsnorm: hiermee wordt bedoeld de norm zoals die wordt vermeld in paragraaf 3.2 van de Participatiewet inclusief vakantietoeslag met uitzondering van artikel 22a.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand beschermingsbewind