De Bibob-toets bestaat op basis van deze beleidslijn in de eerste plaats uit een Bibob-quickscan. Dit houdt in dat inzichtelijk gemaakt moet worden op welke wijze de financiering plaatsvindt. Om de financiering inzichtelijk te maken dient (voor zover van toepassing) het volgende aangetoond te worden:
Welke investeringen er worden gedaan (inventaris, verbouwing, e.d.);
Wat de koopsom is geweest bij overname (aankoop vastgoed, goodwill, activa, e.d.);
Op welke wijze de financiering plaatsvindt (leningen, eigen vermogen, e.d.);
Dat de betalingen ook daadwerkelijk hebben plaatsgevonden.
Een volledige Bibob-toets zal vervolgens worden toegepast indien na het eigen onderzoek vragen blijven bestaan over met name:
De bedrijfsstructuur, of de activiteiten in de onderneming en/of in de directe omgeving van de onderneming;
De financiering van het bedrijf/(bouw)project;
De omstandigheden in de persoon van de aanvrager, de financier van de onderneming/(bouw)project of de eigenaar van het pand waarin de onderneming is gevestigd of de inventaris van de inrichting;
(Andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat er sprake is van een ernstig gevaar dat de vergunning zal worden gebruikt voor het plegen van strafbare feiten, of het gebruiken van voordelen uit strafbare feiten;
(Andere) omstandigheden die de gemeente doen vermoeden dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel gegeven vergunning een strafbaar feit is gepleegd.