Naar hoofdinhoud
Ontslag kan aan de ambtenaar worden verleend op grond van: a. verlies van een vereiste bij de aanstelling door het bestuursorgaan gesteld, tenzij het vereiste alleen bij aanvaarding van de functie geldt; b. aangaan van een graad van zwagerschap die de aanstelling in de functie zou uitsluiten; c. staat van curatele krachtens onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak; d. toepassing van lijfsdwang wegens schulden krachtens onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak; e. onherroepelijk geworden veroordeling tot vrijheidsstraf wegens misdrijf; f. het verstrekken van onjuiste gegevens in verband met indiensttreding, tenzij hem daarvan redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt.

Rechtspraak bij dit artikel