Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III - › Paragraaf

Artikel 26

Regels voor onderbrengen en weghalen niet wettelijke taken

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Publieke Gezondheid & Zorg Groningen

1.. Deelnemers kunnen naar wens niet-wettelijke taken bij Publieke Gezondheid & Zorg Groningen, uit te voeren door de GGD Groningen, onderbrengen als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: de taak wordt voor een periode van minimaal drie jaar aan Publieke Gezondheid & Zorg opgedragen; de opgedragen taak mag niet leiden tot zodanige capaciteitsproblemen bij de GGD Groningen dat een goede taakuitoefening niet geborgd kan worden, zulks ter beoordeling door de directeur publieke gezondheid. 2.. Deelnemers kunnen tussentijds niet-wettelijke taken weghalen bij Publieke Gezondheid & Zorg Groningen, uitgevoerd door de GGD Groningen, indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: taken kunnen uitsluitend per 1 januari worden weggehaald; er wordt een opzegtermijn van minimaal 12 maanden aangehouden, onverlet het bepaalde in lid 1 onder a.; de mededeling dat taken worden weggehaald dient schriftelijk te geschieden; het weghalen van een taak mag niet leiden tot een zodanige krimp in de capaciteit van de GGD Groningen dat een goede taakuitoefening niet geborgd kan worden, zulks ter beoordeling door de directeur publieke gezondheid. 3.. Deelnemers kunnen tussentijds de taken als bedoeld in artikel 9, uitgevoerd door de RIGG, weghalen bij het dagelijks bestuur. De bepalingen van lid 2 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de directeur publieke gezondheid wordt gelezen de directeur RIGG. 4.. Deelnemers die tussentijds taken bij Publieke Gezondheid & Zorg Groningen weghalen dragen alle frictiekosten inclusief overheadkosten die daarvan het gevolg zijn. 5.. De directeur publieke gezondheid beoordeelt periodiek of de uitvoering van taken kwalitatief voldoet aan de daaraan te stellen eisen. Indien dit naar zijn oordeel niet meer het geval is als gevolg van het weghalen van taken, kan het algemeen bestuur op voorstel van de directeur publieke gezondheid besluiten de uitvoering van de betreffende taak te beëindigen met in achtneming van een opzegtermijn van 12 maanden. 6.. Van de in het tweede lid genoemde termijn kan worden afgeweken indien in het geval van een gemeentelijke herindeling de genoemde termijn naar het oordeel van het algemeen bestuur tot onredelijke uitkomsten leidt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel