Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 13

De wijze van verstrekken

Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere Bijstand en Minimabeleid gemeente Olst-Wijhe 2018

1.. De bijzondere bijstand wordt in beginsel “om niet” (zonder terugbetaalverplichting) verstrekt. Dit sluit echter niet uit dat in bepaalde gevallen de bijstand in de vorm van een geldlening of borgtocht wordt verstrekt of teruggevorderd. 2.. Bijzondere bijstand wordt verleend in de vorm van een geldlening of borgtocht indien: het bijstand voor de kosten van noodzakelijke duurzame gebruiksgoederen betreft; redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de belanghebbende op korte termijn over voldoende middelen zal beschikken om over de betreffende periode in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien. Onder korte termijn wordt verstaan een periode van maximaal 12 maanden; de noodzaak tot bijstandsverlening het gevolg is van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan; de aanvraag een door de belanghebbende te betalen waarborgsom betreft; het bijstand ter gedeeltelijke of volledige aflossing van een schuldenlast betreft. 3.. De bijstand die in de vorm van een renteloze geldlening wordt verleend, moet in beginsel worden terugbetaald. 4.. De aflossingstermijn van een renteloze geldlening wordt in principe vastgesteld op 3 jaar. Indien er na maximaal 36 maanden aflossing nog een restant bestaat, dan wordt dit omgezet in bijstand om niet. Belanghebbende moet dan wel aan de voorwaarden voldaan hebben, dat hij de vastgestelde maandelijkse aflossingsbedragen volledig heeft afbetaald. 5.. Van het genoemde in lid 4 kan worden afgeweken als blijkt dat: belanghebbende op korte termijn een aanzienlijk hoger bedrag kan aflossen; of indien hij in de eerste drie jaar nalatig is geweest met het aflossen van de geldlening; of wanneer belanghebbende een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan kan worden verweten met betrekking tot het ontstaan of voortduren van de situatie welke tot het verstrekken van bijstand in de vorm van een geldlening heeft geleid. De looptijd wordt in dit geval langer aangezien belanghebbende het volledige bedrag moet aflossen. 6.. De hoogte van de aflossing van de renteloze lening bedraagt 6% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag. 7.. Bij een inkomen boven de bijstandsnorm wordt de aflossing verhoogd met 50% van deze meer inkomsten.

Rechtspraak bij dit artikel