Het bestuursorgaan en de aanvrager stellen alle voor het advies relevante informatie aan de adviseur ter beschikking.
De adviseur kan de aanvrager in de gelegenheid stellen om in een hoorzitting zijn aanvraag mondeling toe te lichten aan de adviseur.
De adviseur stelt, ingeval van een hoorzitting als bedoeld in het tweede lid, het bestuursorgaan eveneens in de gelegenheid om zijn standpunt met betrekking tot de aanvraag tijdens een hoorzitting toe te lichten.
Indien de adviseur op de plaats waar het nadeel zich gemanifesteerd heeft, de situatie in ogenschouw neemt, stelt hij de aanvrager en het bestuursorgaan in de gelegenheid om daarbij aanwezig te zijn. Ten behoeve van een taxatie van een bij de aanvraag betrokken onroerende zaak, maakt de adviseur met de aanvrager een afspraak.
De adviseur geeft de aanvrager en het bestuursorgaan de gelegenheid om binnen vier weken na toezending van het conceptadvies, schriftelijk aan de adviseur een reactie te geven op het concept. Deze termijn kan op verzoek van de aanvrager of het bestuursorgaan met maximaal twee weken worden verlengd.
In het conceptadvies en in het advies geeft de adviseur een gemotiveerd oordeel of en in hoeverre de aanvrager op grond van deze verordening in aanmerking komt voor nadeelcompensatie, en indien de aanvraag daar betrekking op heeft of en in hoeverre de aanvrager in aanmerking komt voor vergoeding van schade-beperkende maatregelen, als bedoeld in artikel 7 aanhef en onder c, en/of een voorschotverlening, als bedoeld in artikel 11.
In geval van voorschotverlening als bedoeld in artikel 11, kan het bestuursorgaan afwijken van de in de voorgaande artikelleden genoemde procedure teneinde in het belang van de aanvrager en gelet op de omstandigheden van het geval, binnen een passende termijn te kunnen reageren op het verzoek.
Het advies wordt meegezonden met het besluit omtrent de aanvraag.
Hoofdstuk 1
Artikel 14
Behandeling aanvraag om nadeelcompensatie
Onderdeel van Verordening nadeelcompensatie centrumontwikkeling Zevenbergen