Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III › Paragraaf 2.

Artikel 15a

Presentie

Onderdeel van Verordening Raadswerk 2018

1. . de aanwezigheid van raadsleden wordt vastgesteld door middel van het afroepen van de naam door de voorzitter en bevestiging door het raadslid, zodra hij/zij in beeld is. 2. . vereist is dat de raadsleden zichtbaar en hoorbaar zijn, zodat de voorzitter, de griffier, de raadsleden onderling en het publiek de identiteit van een raadslid zonder twijfel kan vaststellen. 3. . mocht een raadslid offline raken, dan kan het raadslid de griffier bellen om dit mede te delen. De voorzitter overweegt of het nodig is de vergadering kort te schorsen om het betrokken raadslid de kans te geven de verbinding te herstellen. 4. . wordt het technisch mankement veroorzaakt in het door de raad gebruikte systeem, dan kan de vergadering geen doorgang meer vinden tot de fout hersteld is.

Rechtspraak bij dit artikel