Gedeputeerde staten van de provincie waarbinnen het te realiseren project in hoofdzaak is gelegen, kunnen paragraaf 2 van hoofdstuk 5 van de wet van toepassing verklaren op projectplannen:
tot aanleg of wijziging van regionale waterkeringen;
tot aanleg of wijziging van bergingsgebieden;
tot aanleg of wijziging van oppervlaktewaterlichamen met een oppervlakte van ten minste een hectare of met een lengte van ten minste vijfhonderd meter.
Hoofdstuk 4 › Titel 4.3
Artikel 4.6