Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht: een uitweg te maken naar de weg; of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. 2.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder weg verstaan wat in artikel 1 van de Wegenverkeerswet daaronder wordt verstaan. 3.. Een vergunning kan worden geweigerd indien: gevaar of hinder ontstaat of dreigt te ontstaan voor het wegverkeer ter plaatse; het gebruik van een bestaande openbare parkeerplaats onmogelijk wordt gemaakt of dreigt te worden gemaakt; de groenvoorziening in de gemeente wordt geschaad of dreigt te worden geschaad; het uiterlijk aanzien van de omgeving wordt geschaad of dreigt te worden geschaad; het gebruik van de gronden voor parkeerdoeleinden volgens het bestemmingsplan niet is toegestaan. 4.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer Rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur of het Provinciaal wegenverordening.

Rechtspraak bij dit artikel