**1..** Het commissieadvies – als bedoeld in artikel 1.3 lid a voor een plan waarvoor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsvergunning vereist is (bouwen) – geeft aan of een ontwerp zowel op zichzelf als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkelingen al dan niet in strijd is met de redelijke eisen van welstand. Dit wordt alleen beoordeeld aan de hand van de door de gemeenteraad vastgestelde welstandscriteria;
**2..** Het commissieadvies – als bedoeld in artikel 1.3 lid b voor een plan waarvoor een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, lid 1 onder f. of artikel 2.2, lid b. en/of c. a van de Wet algemene bepalingen omgevingsvergunning vereist is (monumenten en beschermd stadsgezicht) – geeft aan of en hoe een ontwerp zich verhoudt in relatie tot de aanwezige cultuurhistorische waarden;
**3..** ;
**4..** Het commissieadvies – als bedoeld in artikel 1.4 voor plannen waarvan voorzienbaar is dat deze in een later stadium onderwerp van beoordeling en advisering als bedoeld in artikel 1.3 kunnen worden – wordt uitgebracht in de vorm van een aanbeveling. Deze aanbevelingen zijn, in afwijking van de adviezen genoemd in de leden 1 en 2, vrijblijvend en staan los van c.q. worden niet betrokken bij de advisering en conclusies ter zake het welstandsadvies als bedoeld in lid 1;
**5..** De commissie brengt een advies als bedoeld in de vorige leden uit binnen vier weken nadat door of namens het college daarom is verzocht;
**6..** Een langere termijn dan in het vierde lid genoemd kan door of namens het college worden gegeven in geval het een aanvraag betreft waarvoor op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht een langere afdoeningstermijn dan 8 weken is toegelaten;
**7..** Het advies is met redenen omkleed en wordt door de voorzitter ondertekend. De commissie kan de ondertekening van adviezen mandateren aan de secretaris;
Artikel 7