Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3.6

Algemene volgordebepaling

Onderdeel van Huisvestingsverordening Haarlemmermeer 2018

1. Indien woonruimte te huur wordt aangeboden via een aanbodinstrument wordt de volgorde waarin de woningzoekenden die op het aanbod gereageerd hebben in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning bepaald overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.3.6 tot en met 2.3.8. 2. Voor een huisvestingsvergunning komen achtereenvolgens de volgende groepen woningzoekenden in aanmerking: a. de woningzoekenden die voldoen aan de toepasselijke passendheids- en bindingscriteria; b. de woningzoekenden die voldoen aan de toepasselijke passendheidscriteria; c. de woningzoekenden die voldoen aan de toepasselijke bindingscriteria; d. de overige woningzoekenden. 3. Het bepaalde in dit artikel is niet van toepassing op de te huur aangeboden woonruimte bedoeld in artikel 2.3.4, derde lid.. 4. Burgemeester en wethouders kunnen bepalen dat woningzoekenden behorende tot één of beide van de volgende categorieën met voorrang in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning: a. Woningzoekenden die naar het oordeel van burgemeester en wethouders onevenredig nadelig getroffen worden door schaarste aan goedkope woonruimte; c. Huishoudens die een voor verhuur bestemde zelfstandige huurwoning die eigendom is van een corporatie, achterlaten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel