Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 5

Artikel 2:12

Maken en veranderen van een uitweg

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Uitgeest 2018

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. 2.. Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan onder meer geweigerd worden indien daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht; indien een uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats; indien het openbaar groen daardoor op onaanvaardbare wijze wordt aangetast; indien er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen; in het belang van de bruikbaarheid van de weg; in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; in het belang van de openbare orde en de openbare veiligheid; indien de aanvraag in strijd is met het door het college opgestelde beleid; 3.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daar geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur of het provinciaal wegenreglement. 4.. Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel