Naar hoofdinhoud
1.. Aanstelling geschiedt in tijdelijke dienst voor de duur van één jaar bij wijze van proef. 2.. Bij voldoende functioneren wordt steeds een tijdelijke aanstelling verleend voor de duur van drie jaar. 3.. Het dienstverband eindigt op de dag waarop de AOW-leeftijd wordt bereikt. 4.. Bij goed functioneren kan de buitengewoon ambtenaar, na het bereiken van de AOW-leeftijd, steeds worden benoemd in tijdelijke dienst voor de bepaalde tijd van één jaar.

Rechtspraak bij dit artikel