** 1. .** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot of partner;
** 2. .** De bijdrage, dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of het volgende lid een lagere bijdrage is verschuldigd;
** 3. .** In afwijking van artikel 3.8, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 wordt:
de maximale periodebijdrage op nihil gesteld tot de landelijk vastgestelde grens van het bijdrageplichtig inkomen;
bij de berekening van het inkomensafhankelijke deel van de bijdrage gerekend met 10%;
voor begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf en hulp bij het huishouden een lagere kostprijs opgevoerd.
** 4. .** In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK vastgesteld en geïnd.
** 5. .** In afwijking van het eerste lid wordt bij verstrekking van een vervoers- of woonvoorziening eenmalig gedurende maximaal 39 perioden van vier weken een bijdrage in rekening gebracht.
Artikel 12.
Regels voor bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Landsmeer 2018