Naar hoofdinhoud
Het college verleent de in artikel 2 bedoelde vergunning onder tenminste de volgende voorwaarden als bedoeld in artikel 3 en 21 Algemene plaatselijke verordening 2007: Verkeersveiligheid, situering van de standplaats en hinder en overlast 1⁰ de standplaats wordt uitsluitend worden ingenomen op de in de vergunning aangewezen locatie; 2⁰ de overlast voor anderen worden zo veel mogelijk beperkt: geen geluidsoverlast, geen geuroverlast, geen overlast voor passerend verkeer door voorwerpen buiten de standplaats, enz.; 3⁰ de standplaats en de omgeving in een straal van 25 hiervan worden schoongehouden; 4⁰ op de standplaats wordt een afvalbak geplaatst; 5⁰ aanwijzingen van de politie, de brandweer en de aangewezen gemeentelijke toezichthouders worden direct opgevolgd; 6⁰ de gasinstallatie die op een standplaats wordt gebruikt, voldoet aan de norm NEN 3324; 7⁰ Gebruik van autogas voor huishoudelijk of bedrijfsmatig gebruik is niet toegestaan. Aantoonbaarheid 1⁰ de vergunning of een kopie hiervan moet worden getoond als een ambtenaar, de brandweer of de Politie Drenthe daarom vraagt. Rechthebbende 1⁰ de vergunning heeft een persoonsgebonden karakter en wordt verleend aan een natuurlijk- of rechtspersoon; 2⁰ bij een rechtspersoon geldt dat diegene die de standplaats feitelijk inneemt, werkzaam moet zijn bij de rechtspersoon aan wie de vergunning is verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel