Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor alle maatwerkvoorzieningen in natura danwel pgb, met uitzonderingen van de genoemde voorzieningen in lid 9.
Zolang de cliënt de maatwerkvoorziening in bezit heeft tot maximaal de gestelde looptijd of gedurende de periode dat de voorziening wordt verstrekt, betaalt de cliënt een eigen bijdrage.
Ingeval van hulpverlening betaalt de cliënt over de daadwerkelijk geleverde en gefactureerde ondersteuning een eigen bijdrage.
Ingeval van maatwerkvoorzieningen, niet zijnde hulpverlening wordt de looptijd waarover de eigen bijdrage verschuldigd is, bepaald door de afschrijvingstermijn of de hoogte van de kosten. Het afschrijvingsschema is opgenomen in de bij deze verordening behorende bijlage.
De eigen bijdrage of het totaal van de eigen bijdragen, is gelijk aan maximaal de kostprijs van de voorziening(en), tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 een lagere eigen bijdrage is verschuldigd.
De eigen bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.
De berekening voor de eigen bijdrage voor beschermd wonen is gelijk aan die als bedoeld in artikel 3.13 in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015.
In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening in natura en pgb door het Centraal Administratie Kantoor vastgesteld en geïnd.
De eigen bijdrage is niet verschuldigd:
indien de cliënt of de echtgenoot van de cliënt een bijdrage als bedoeld in artikel 3.11 of 3.12 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 verschuldigd is;
indien de cliënt of zijn echtgenoot gedurende twee of meer nachten aaneengesloten in de bijdrageperiode in een instelling voor opvang verblijft; indien het college, na advies van een instelling voor algemeen maatschappelijk werk, de Raad voor de Kinderbescherming of het AMHK, van oordeel is dat de verschuldigdheid van de bijdrage kan leiden tot mishandeling, verwaarlozing of ernstige schade voor de opvoeding en ontwikkeling van een minderjarige door de ouder, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet;
voor een rolstoel;
voor een cliënt die de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, met uitzondering van woningaanpassingen.
voor spoedopvang verpleging en Verzorging & Gehandicaptenzorg;
voor crisisopvang geestelijke gezondheidszorg;
voor maatschappelijke opvang;
voor collectief vervoer;
voor het kilometerbudget ten behoeve van een (rolstoel)taxi;
De eigen bijdrage, dan wel het totaal van de eigen bijdragen, is gelijk aan maximaal de kostprijs.
Artikel 13.
Eigen bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen in natura en pgb
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorst 2018