Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.

Artikel 17.

Spreekrecht toehoorders

Onderdeel van Verordening op de raadscommissie Schouwen-Duiveland 2018

1. Toehoorders kunnen in een vergadering het woord voeren (spreekrecht) over onderwerpen die geagendeerd zijn. In het beeldvormende deel van de vergadering kunnen burgers ook spreken over onderwerpen die niet geagendeerd zijn. 2. Degene die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit zo mogelijk voor de aanvang van de vergadering aan de commissiegriffier onder vermelding van zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover het woord gevoerd wenst te worden. Bij de inhoudelijke agendapunten stelt de commissievoorzitter burgers in de gelegenheid gebruik te maken van het spreekrecht over de betreffende agendapunten. 3. De commissievoorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De commissievoorzitter kan van de volgorde afwijken, als dit in het belang is van de orde van de vergadering. 4. De spreker voert het woord, nadat de commissievoorzitter hem dit heeft verleend. De commissievoorzitter kan de deelnemers aan de vergadering toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering. 5. De commissievoorzitter of een commissielid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger. 6. Na de eerste spreektermijn van de commissie biedt de voorzitter de toehoorders de mogelijkheid over het betreffende agendapunt in tweede en laatste termijn mee te spreken. 7. Per agendapunt kan de spreektijd van de toehoorder die in de gelegenheid wordt gesteld het woord te voeren in eerste termijn, ten hoogste 5 minuten bedragen en in tweede termijn maximaal 1 minuut. Per agendapunt kan door toehoorders ten hoogste 36 minuten het woord worden gevoerd. Indien er meer dan 6 toehoorders zijn die over een agendapunt het woord willen voeren, worden de 36 minuten gelijkelijk onder hen verdeeld. 8. De voorzitter kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd, als bedoeld in het vorige lid.

Rechtspraak bij dit artikel