Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 28

Verantwoording subsidie

Onderdeel van Subsidieregeling Wijchen 2018

In aanvulling op de Algemene subsidieverordening 2018, gelden deze voorwaarden. Houder levert uiterlijk 15 juni van het lopende subsidiejaar een tussenrapport in over de periode januari tot juni van dat jaar aan het College. In dit rapport staat minimaal: per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters die een VVE programma hebben gevolgd. per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters van ouders met recht op kinderopvangtoeslag; per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. de hoogte van het door de gemeente bij te dragen subsidiebedrag. Bij het verzoek tot subsidievaststelling levert houder een eindrapport, waarin minimaal staat: Het totaal aantal unieke doelgroepkinderen dat een WE-programma heeft gevolgd. per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters die een WE-programma hebben gevolgd. per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters van ouders met recht op kinderopvangtoeslag; per locatie en per maand het aantal uur van de doelgroeppeuters van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. de hoogte van het door de gemeente bij te dragen subsidiebedrag. een evaluatie van het werkplan WE zoals ingediend bij de aanvraag. Het College kan bij de houder gegevens opvragen om de rechtmatigheid van de besteding van de subsidie te controleren. De houder is verplicht het bestuursorgaan inzage te geven in diens administratie over onder meer: inkomensverklaring over de hoogte van het verzamelinkomen; verklaringen van geen recht op kinderopvangtoeslag van ouders; de plaatsingsovereenkomst van de peuter waaruit het aantal uren, de ouderbijdrage en de start- en (verwachte) einddatum blijken; VVE-verklaringen, afgegeven door het JGZ of Komeet-overleg voor plaatsing van doelgroeppeuters.

Rechtspraak bij dit artikel