1. Een ontheffing voor het rijden met een voertuig in een gesloten gebied of voetgangersgebied voor laden en lossen of in- en uitstappen kan worden verleend voor incidentele activiteiten indien er een noodzaak is.
2. Van noodzaak als bedoeld in het eerste lid is in elk geval sprake indien het gaat om bouw-, installatie- onderhouds- en reparatiewerkzaamheden, trouwplechtigheden en gehandicaptenvervoer, verhuizingen.
3. Een ontheffing voor het parkeren in een gesloten gebied of voetgangersgebied kan worden verleend indien:
a. een ontheffing is verleend als bedoeld in het eerste lid, en
b. de nabijheid van het voertuig noodzakelijk is voor de uitvoering van de incidentele activiteiten.
4. Een ontheffing als bedoeld in het eerste lid en tweede lid wordt per dag verstrekt voor maximaal vijf opeenvolgende dagen.
Hoofdstuk 2
Artikel 16
Ontheffing voor incidentele activiteiten
Onderdeel van Beleidsregels verkeersontheffingen gemeente Utrecht