Voor het Pgb gelden, net als voor Zin, eerdergenoemde criteria en uitsluitingsgronden. Aanvullend hierop geldt dat (alle onderstaande):
de cliënt naar het oordeel van het College op eigen kracht voldoende in staat is te achten tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake dan wel met hulp van een naastbetrokkene uit zijn eigen sociale netwerk en/of van zijn wettelijk (door de rechter aangewezen) vertegenwoordiger, de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren (regievoering). Onder voorwaarden kan de cliënt zijn financiële administratie ook door iemand anders laten uitvoeren.
Vanwege het belang van onafhankelijkheid en het voorkomen van belangenverstrengeling is dat niet de zorgaanbieder, maar bij voorkeur een partner of iemand uit het sociale netwerk. Deze door de budgethouder te machtigen persoon - middels het zetten van een handtekening op de zorgovereenkomst dan wel op een speciaal formulier - is dan formeel budgetbeheerder.
De budgetbeheerder moet inhoudelijk onderbouwd kunnen aantonen hiervoor bekwaam te zijn. Wanneer het budgetbeheer wordt uitgevoerd door een bemiddelingsbureau, dient deze het mede door Per Saldo opgestelde keurmerk te dragen;
de cliënt zich gemotiveerd op het standpunt stelt dat hij de maatwerkvoorziening als persoonsgebonden budget wenst geleverd te krijgen. Daarbij motiveert de cliënt (of diens (wettelijk) vertegenwoordiger) dat de inzet van een Pgb leidt tot een minimaal gelijkwaardig resultaat in vergelijking met de inzet van zin;
naar het oordeel van het College is gewaarborgd dat de diensten en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt. De cliënt maakt hiervoor in zijn budgetplan inzichtelijk waar de ondersteuning zal worden ingekocht, wat de ondersteuning inhoud en op welke manier deze ondersteuning bijdraagt aan participatie en zelfredzaamheid en hoe de veiligheid, doeltreffendheid en cliëntgerichtheid van de ondersteuning is gewaarborgd.
De cliënt pgb bekwaam is. Inwoners met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn op eigen kracht en ook niet met gebruikelijke hulp, mantelzorg dan wel hulp van andere personen uit hun eigen sociale netwerk zelfstandig te wonen en participeren in de samenleving, zijn veelal ook niet in staat om de (kritische) regie te voeren op het eigen zorgplan, zorgbudget, zorgadministratie, zorginkoop en de kwalitatief goede uitvoering daarvan.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.6
Aanvullende criteria toekenning Pgb
Onderdeel van Beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Deventer 2018