1. De raad van advies bestaat uit 3 leden, die benoemd worden door het algemeen bestuur op voordracht van het dagelijks bestuur.
2. De leden van de raad van advies worden benoemd wegens hun specifieke kennis op het gebied van onderwijs, bedrijfsleven en arbeidsmarkt, waarbij elk lid één kennisgebied vertegenwoordigt.
3. De leden van de raad van advies worden voor de duur van 4 jaar benoemd, met een maximale zittingsduur van tweemaal 4 jaar.
4. De zittingstermijn van de leden van de Raad van Advies verschilt met de zittingstermijn van de leden van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur, bij voorkeur met een verschil van twee jaar tussen de termijnen.
5. Indien tussentijds een plaats in de raad van advies vacant komt, kiest het algemeen bestuur op voordracht van het dagelijks bestuur een nieuw lid, met inachtneming van de specifieke kennis van het openvallende gebied van onderwijs, bedrijfsleven of arbeidsmarkt.
6. Een lid van de raad van advies dat ontslag neemt, blijft zijn functie waarnemen, totdat de opvolger zijn functie heeft aanvaard.