Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 5.

Toepassing van artikel 2:83 APV

Onderdeel van Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast gemeente Uithoorn

1.. De gemeente ziet toe op de belangen van de omwonenden. Indien de frequentie en de intensiteit van de overlast, eventueel in combinatie met risico’s voor omwonenden, dusdanig groot zijn dat de veiligheid in het geding is of de situatie anderszins door de burgemeester als onhoudbaar wordt beoordeeld, en er geen andere mogelijkheden meer zijn, kan de burgemeester een gedragsaanwijzing opleggen. 2.. Voordat een gedragsaanwijzing wordt gegeven zoals bedoeld in artikel 2:83 van de APV, wordt zo mogelijk eerst gebruik gemaakt van een andere geschikte wijze om de woonoverlast aan te pakken. 3.. Als er geen einde komt aan de woonoverlast door gebruikmaking een vorm van een andere geschikte wijze, dan bepaalt de burgemeester in overleg met de eventueel reeds ingeschakelde instanties of hij toepassing geeft aan de gedragsaanwijzing en handhaving daarvan als bedoeld in artikel 2:83 APV. 4.. Het beschikken over een deugdelijk dossier vormt een noodzakelijke voorwaarde voor de rechtmatige toepassing van de bestuursdwangbevoegdheid van artikel 2:83 APV.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel