Van het ingevolge artikel 1 van deze regeling aan de directeur verleende ondermandaat wordt aan het afdelingshoofd verder ondermandaat verleend, voor zover het betreft besluiten die betrekking hebben op medewerkers die in die afdeling zijn geplaatst waarin ook het afdelingshoofd is geplaatst.
Van dit ondermandaat zijn uitgezonderd de volgende besluiten:
Individuele besluiten die betrekking hebben op het afdelingshoofd, het adjunct-afdelingshoofd of de concerncontroller;
Besluiten inzake ontslag wegens:
Reorganisatie zoals bedoeld in art. 8:3 Car;
Ziekte, indien zich één van de situaties voordoet zoals bedoeld in artikel 8:5a, lid 1 Car;
Onbekwaamheid of ongeschiktheid zoals bedoeld in artikel 8:6 Car;
Een van de gronden genoemd in artikel 8:7 Car;
Plichtsverzuim zoals bedoeld in artikel 8:13 Car
Besluiten inzake vertrekregelingen verband houdend met beëindiging van het dienstverband;
Het opleggen van een disciplinaire straf;
Besluiten tot vergoeding van schade aan ambtenaren, waarvan het geldelijk belang meer dan € 10.000,- bedraagt;