Naar hoofdinhoud
1.. De aangevraagde voorziening wordt noodzakelijk geacht, indien het college heeft vastgesteld dat: het treffen van de voorziening, gelet op de voortgang van het onderwijs, geen uitstel kan lijden, de voorziening niet eerder voor opname in het programma als bedoeld in artikel 2.2 kon worden ingediend, geen van de in de wet opgenomen weigeringsgronden van toepassing is. Hierbij past het college de regels toe met betrekking tot: de door het college vastgestelde beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage I; de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II; de oppervlakte en indeling van gebouwen als bedoeld in bijlage III. 2.. Het college kan besluiten dat slechts een gedeelte van de gewenste voorziening dan wel een andere dan de gevraagde voorziening als noodzakelijk wordt beschouwd. 3.. Indien de noodzaak en de spoedeisendheid van de voorziening naar het oordeel van het college zijn aangetoond, kent hij de aanvraag toe en stelt met toepassing van artikel 1.4 een bekostiging vast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel