**1..** In deze verordening wordt verstaan onder:
wet: de Wet maatschappelijke ondersteuning;
aanvrager: een persoon die een voorziening aanvraagt op grond van de wet of de persoon namens wie een voorziening wordt aangevraagd op grond van de wet;
algemeen gebruikelijk: hetgeen naar in het maatschappelijk verkeer geldende opvattingen als gangbaar bezit of als gangbare uitgave wordt aangemerkt;
beperkingen: belemmeringen, als gevolg van ziekte of gebrek, die een persoon ondervindt bij het gebruik of onderhoud van de woning en het zich verplaatsen in en om de woning en in het gebied van de gemeente Lelystad;
Besluit maatschappelijke ondersteuning Lelystad: het besluit van het college inzake de hoogte van de voorzieningen op grond van deze verordening;
budgethouder: een persoon aan wie ingevolge deze verordening een persoonsgebonden budget is toegekend;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lelystad;
eigen aandeel in de kosten: het voor rekening van de aanvrager blijvende deel van de kosten dat in mindering wordt gebracht op de financiële tegemoetkoming;
eigen bijdrage: de eenmalige of periodieke bijdrage die door de aanvrager aan het Centraal Administratie Kantoor Bijzondere Zorgkosten moet worden betaald voor een voorziening in natura of een verleend persoonsgebonden budget;
financiële tegemoetkoming: een geldelijke tegemoetkoming in de kosten van een voorziening zoals bedoeld in artikel 19 van de wet;
gemeenschappelijke ruimte: gedeelte van een woongebouw dat niet behoort tot de onderscheiden woningen;
gemeenschappelijke voorziening: een voorziening die aan meerdere personen met beperkingen wordt aangeboden;
hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de aanvrager zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft en op welk adres de aanvrager staat ingeschreven;
huishoudelijke ondersteuning: een voorziening, overeenkomend met de huishoudelijke verzorging als bedoeld in artikel 1 lid 1 onder h van de wet, voor hulp bij of ter overname van activiteiten op het gebied van het verzorgen van het huishouden van een persoon of de leefeenheid waartoe een persoon behoort;
persoonsgebonden budget (PGB): een eenmalig of periodiek geldbedrag, overeenkomend met de goedkoopst mogelijke werkelijke kosten, waarvan de aanvrager een noodzakelijke voorziening zelfstandig kan aanschaffen of bekostigen;
rolstoel: voorziening die een persoon in staat stelt zich in en om de woning te verplaatsen;
uitraasruimte: een verblijfsruimte waarin een persoon met beperkingen, die vanwege een stoornis ernstig ontremd gedrag vertoont, zich kan afzonderen of tot rust kan komen;
vervoersvoorziening: voorziening die een persoon in staat stelt zich lokaal te verplaatsen per vervoermiddel;
voorziening: huishoudelijke ondersteuning, een woonvoorziening, een vervoersvoorziening of een rolstoel;
voorziening in natura: een voorziening die in bruikleen of in de vorm van persoonlijke dienstverlening wordt verleend;
woning: een woning, waaronder tevens wordt verstaan een woonwagen of een woonschip indien voor permanente bewoning bestemd en geschikt;
woonplaats: woonplaats als bedoeld in artikel 10 lid 1 en artikel 11 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek;
woonvoorziening: voorziening in of verbouwing van een woning waardoor een persoon in staat wordt gesteld tot het normale gebruik van de woning.
**2..** De begripsbepalingen in artikel 1, eerste lid, van de wet zijn van toepassing op de begrippen die in deze verordening worden gebruikt.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van VERORDENING voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Lelystad