Recht op kortdurend zorgverlof bestaat indien de medewerker voorziet in de noodzakelijke verzorging van een zieke. Dit kan naast directe familieleden als ouder, partner en kind ook gaan om grootouder, kleinkind, huisgenoot of vriend(in).
Het wordt ook mogelijk kortdurend zorgverlof en langdurend zorgverlof op te nemen om mensen die niet directie familie zijn te helpen. Naast de partner, ouder of het kind, mag de werknemer dus ook zorgverlof opnemen voor een broer, zus, kleinkind of vrienden en bekenden.
Er moet wel sprake zijn van noodzakelijke verzorging. Dit betreft niet alleen de behoefte aan zorg maar ook de omstandigheid dat de zorg door de betreffende medewerker moet worden verleend en niet op een andere wijze kan worden vervuld. Als een ander de zorg op zich kan nemen, wordt er niet voldaan het criterium “noodzakelijk”. Wanneer meerdere personen de zorg op zich nemen is het redelijk dat het aantal uren over die personen verdeeld wordt.
Per jaar maximaal twee maal de arbeidsduur per week. Bij een volledige betrekking dus maximaal 72 uur per jaar.
Van het aantal toegekende verlofuren (maximaal 72 uur) komt 50% voor rekening van de werkgever en 50% voor rekening van de medewerker.
Door middel van een schriftelijk verzoek bij het afdelingshoofd kan het kortdurend verlof worden aangevraagd. In acute noodsituaties is dit uiteraard niet mogelijk. Dan moet de medewerker het opnemen van verlof zo spoedig mogelijk melden. De noodzaak tot verzorging moet dan achteraf worden aangetoond.
Het verlof wordt toegekend door het afdelingshoofd.
Artikel 6
Kortdurend zorgverlof (artikel 6:4:3 CAR-UWO + artikel 5:1 e.v. WAZ) )
Onderdeel van Interne richtlijnen buitengewoon verlof en lokale verlofafspraken gemeente Zevenaar 2018