Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 37

Initiatiefvoorstel

Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad 2018

1.. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter. Deze brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college. 2.. Het college kan binnen twee weken nadat het ter kennis is gesteld van een voorstel schriftelijk wensen of bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. 3.. Nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen wordt het voorstel op de voorlopige agenda van de eerstvolgende vergadering geplaatst. Als de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst. 4.. De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp dient te worden behandeld, of dat het voorstel eerst dient te worden behandeld in een voorbereidende vergadering. 4.. De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening. 5.. Op een spoedeisend initiatiefvoorstel, inhoudende het ontslag van een wethouder, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing. Een dergelijk voorstel, mondeling of schriftelijk ingediend, kan na instemming van de raad terstond aan de agenda toegevoegd worden.

Rechtspraak bij dit artikel