Naar hoofdinhoud
Het bekostigingsbedrag voor een lokaal bewegingsonderwijs door een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs, is gebaseerd op het aantal klokuren per week dat is opgenomen op het door het college vastgestelde rooster bewegingsonderwijs. Voor een basisschool wordt het maximaal aantal klokuren dat voor bekostiging in aanmerking komt vastgesteld op basis van het overeenkomstig artikel 14 van het Besluit bekostiging WPO vastgestelde aantal groepen. Het aantal klokuren bedraagt ten hoogste 1,5 klokuur per week per groep leerlingen van 6 jaar en ouder en, als de school voor basisonderwijs niet beschikt over een of meerdere speellokalen, ten hoogste 3,75 klokuur per week per groep leerlingen jonger dan zes jaar. Voor een speciale school voor basisonderwijs wordt het maximaal aantal klokuren dat voor bekostiging in aanmerking komt, vastgesteld op basis van het overeenkomstig artikel 136, vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs vastgestelde aantal groepen. Het aantal klokuren bedraagt ten hoogste 2,25 klokuur per week per groep leerlingen van 6 jaar en ouder en, als de genoemde scholen niet beschikken over een of meerdere speellokalen, ten hoogste 3,75 klokuur per week per groep leerlingen jonger dan zes jaar. Het bevoegd gezag van een niet door de gemeente in stand gehouden school voor basisonderwijs ofschool voor speciaal basisonderwijs, dat eigenaar is van een lokaal bewegingsonderwijs ontvangt jaarlijks bekostiging. De hoogte van de bekostiging wordt vastgesteld volgens het bepaalde in bijlage 1bij deze regeling, op basis van het op grond van het eerste lid vastgestelde rooster bewegingsonderwijs. Wanneer er sprake is van medegebruik van het lokaal bewegingsonderwijs door een of meer andere scholen voor basisonderwijs of speciale scholen voor basisonderwijs, wordt voor het bepalen van de hoogte van de vergoeding het aantal klokuren getotaliseerd. Het college keert de ingevolge het vierde lid vastgestelde jaarlijkse vergoeding halverwege het schooljaar uit aan het bevoegd gezag als bedoeld in het vierde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel