1. Nadat het programma is vastgesteld treedt het college in overleg met de aanvrager over de wijze waarop de op het programma geplaatste voorziening wordt uitgevoerd. In dit overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor het uitvoeren van de voorziening en worden, voor zover van toepassing, afspraken gemaakt over:
a. het bouwheerschap, bedoeld in artikel 103 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 101 van de Wet op de Expertisecentra en artikel 76n van de Wet op het voortgezet onderwijs;
b. het tijdstip waarop het bouwplan en de begroting door de aanvrager worden ingediend;
c. indien van toepassing, een andere wijze waarop de toegekende voorziening wordt uitgevoerd, met inachtneming van het beschikbaar te stellen bedrag;
d. de wijze waarop het college het bouwplan en de begroting toetst, en of, voor zover dit naar oordeel van het college noodzakelijk is gelet op de in het programma opgenomen voorziening, rekening wordt gehouden met gewijzigde feiten en omstandigheden ten opzichte van het moment waarop het programma is vastgesteld;
e. de controle op en het afleggen van verantwoording over het besteden van de beschikbaar te stellen middelen;
f. de wijze waarop de aanbesteding plaatsvindt op grond van Europese wet en regelgeving;
g. de mogelijkheid om vooruitlopend op het aanvragen van het totale investeringskrediet een bedrag aan te vragen voor de kosten van voorbereiding van het bouwplan tot 10% van het geraamde investeringsbedrag.
2. De inhoud van de afspraken of het feit dat het overleg niet tot overeenstemming heeft geleid legt het college schriftelijk vast in een verslag. Als de aanvrager niet binnen twee weken nadat het verslag is ontvangen schriftelijk reageert, wordt, afhankelijk van de inhoud van het vastgestelde verslag, geacht overeenstemming of geen overeenstemming te zijn bereikt.
3. Bij het toepassen van artikel 14, tweede lid, neemt het college nadat overeenstemming is bereikt een beslissing over het tijdstip waarop de bekostiging aanvang neemt. Het bepaalde in artikel 15 is daarbij van overeenkomstige toepassing.
4. Als in het overleg geen overeenstemming is bereikt, deelt het college dit nadat het verslag is vastgesteld schriftelijk mede aan de aanvrager en vermeldt gelijktijdig dat het bekostigen van de uitvoering van de voorziening wordt opgeschort.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.4
Artikel 13.
Overleg wijze van uitvoering
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Leeuwarden 2018