Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 13:

Informatieplicht, verantwoordingsplicht

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling betreffende Werk in Uitvoering

De leden van het dagelijks bestuur zijn tezamen en ieder afzonderlijk aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur en geven te dien aanzien alle door het algemeen bestuur verlangde inlichtingen, een en ander voor zover dit niet strijdig is met de te behartigen belangen. Gelijke verplichting bestaat voor de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur. De leden van het algemeen bestuur zijn ieder afzonderlijk aan het college, dat hem heeft aangewezen, verantwoording verschuldigd voor het gevoerde bestuur. De leden van het algemeen bestuur zijn ieder afzonderlijk aan de raad van de gemeente waaruit dat lid afkomstig is, verantwoording verschuldigd voor het gevoerde bestuur. Het algemeen bestuur verstrekt aan de raden van de deelnemende gemeenten binnen een maand alle inlichtingen, die door de raden van de deelnemende gemeenten, dan wel door een of meer van zijn leden, worden verlangd, waarvan het verstrekken niet in strijd is met het algemeen belang. Het algemeen bestuur verstrekt aan de raden van de deelnemende gemeenten, eens per halfjaar ongevraagd alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig zijn. De colleges van de deelnemende gemeenten zijn gehouden het algemeen bestuur in kennis te stellen van de bij hen in voorbereiding zijnde plannen en/of maatregelen met betrekking tot de in artikel 1 genoemde taak, voor zover deze redelijkerwijs van belang kunnen zijn voor het functioneren van het openbaar lichaam. Een lid van het algemeen bestuur verschaft aan het college, dat hem heeft aangewezen, schriftelijk en indien daarom wordt verzocht mondeling, uiterlijk binnen een maand alle inlichtingen, die door een of meer leden daarvan worden gevraagd. Een lid van het algemeen bestuur verschaft aan de raad van de gemeente waaruit dat lid afkomstig is, schriftelijk en indien daarom wordt verzocht mondeling, uiterlijk binnen een maand alle inlichtingen, die door een of meer leden daarvan worden gevraagd. Een lid van het algemeen bestuur is aan het college, dat hem heeft aangewezen (conform het tweede lid), verantwoording verschuldigd voor het in het algemeen bestuur gevoerde beleid en bestuur. Het college, waardoor hij is aangewezen, bepaalt de wijze waarop dit zal geschieden en doet hiervan mededeling aan het algemeen bestuur van het openbaar lichaam. Een lid van het algemeen bestuur is aan de raad van de gemeente waaruit dat lid afkomstig is (conform het derde lid) verantwoording verschuldigd voor het in het algemeen bestuur gevoerde beleid en bestuur. De raad van de gemeente waaruit dat lid afkomstig is, bepaalt de wijze waarop dit zal geschieden en doet hiervan mededeling aan het algemeen bestuur van het openbaar lichaam. Het college, dat een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur heeft aangewezen, heeft de bevoegdheid dit door hem aangewezen lid te ontslaan, indien dit lid het vertrouwen van het college niet meer bezit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel