Naar hoofdinhoud
1.. Een werknemer met een vermoeden van een misstand binnen de organisatie van de werkgever kan daarvan een schriftelijke melding doen: bij iedere leidinggevende die binnen de organisatie hiërarchisch een hogere positie bekleedt dan hij; bij de vertrouwenspersoon. 2.. De leidinggevende of vertrouwenspersoon stuurt de melding, in overleg met de werknemer, door naar de werkgever. 3.. Een werknemer van een andere organisatie die door zijn werkzaamheden met de organisatie van de werkgever in aanraking is gekomen, en een vermoeden heeft van een misstand binnen de organisatie van de werkgever kan ook een interne melding doen. 4.. Als de melding van het vermoeden van de misstand betrekking heeft op de gemeentesecretaris/ algemeen directeur, dan kan die persoon niet zelf met de afhandeling worden belast. 5.. De melder kan direct een externe melding doen van een vermoeden van een misstand op grond van artikel 14 van deze regeling als het eerst doen van een interne melding in redelijkheid niet van hem kan worden gevraagd. 6.. Een melding laat de wettelijke verplichting tot het doen van aangifte van een strafbaar feit onverlet.

Rechtspraak bij dit artikel