1. Het Dagelijks bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting op voor het komende jaar
plus een meerjarenraming voor de daar op volgende drie jaren.
2. a. Het Dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting acht weken voordat zij aan het
Algemeen bestuur wordt aangeboden, onderscheidenlijk acht weken voordat zij door het Algemeen bestuur wordt vastgesteld, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.
b. Het Dagelijks bestuur zendt, vóór 15 april van het jaar voorafgaande aan dat
waarvoor de begroting dient, de ontwerpbegroting, de algemene financiële en
beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening toe aan de raden van de
deelnemende gemeenten.
c. De ontwerpbegroting wordt door de besturen van de deelnemende
gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en tegen betaling van de kosten,
algemeen verkrijgbaar gesteld. De bepalingen ter zake van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing.
d. De raden van de deelnemende gemeenten kunnen omtrent de ontwerpbegroting het Dagelijks bestuur van hun gevoelen doen blijken. Door het Dagelijks bestuur worden de ingezonden commentaren gevoegd bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het Algemeen bestuur wordt aangeboden.
e. Nadat het Algemeen bestuur de ontwerpbegroting heeft vastgesteld, zendt het
Algemeen bestuur de begroting, dan wel een schriftelijke mededeling dat de begroting overeenkomstig het aan het Algemeen bestuur aangeboden ontwerp is vastgesteld, aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan Gedeputeerde Staten, conform artikel 34 lid 2 van de wet.
Hoofdstuk › Paragraaf 2:
Artikel 40.
Artikel 40.
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING DE WADDENEILANDEN 2018