**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 van de APV kan een vergunning worden ingetrokken of gewijzigd, indien:
Veranderde omstandigheden of inzichten aanleiding geven om deze beleidsregels te herzien en de vergunning niet in overeenstemming is met de herziene beleidsregel;
De standplaats gedurende drie achtereenvolgende weken of gedurende zes maal per kwartaal niet wordt ingenomen, gevallen van overmacht en incidentele standplaatsen uitgezonderd.
**2..** Indien als gevolg van een ingetrokken vergunning als bedoeld in lid 1 een vaste standplaats vrijkomt, vindt via bekendmaking plaats via de wijze zoals bepaald in Hoofdstuk 5 sub 2.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.3