Naar hoofdinhoud
1.. Voor elke vergadering stelt de (loco)-secretaris een agenda samen, die digitaal met notificatie aan de leden ter beschikking wordt gesteld op de aan de vergadering voorafgaande vrijdag. 2.. Op de daaropvolgende maandag wordt er met notificatie een bijgestelde agenda ter beschikking gesteld (voor eventuele aanvullende rondvraagpunten en memo’s ter collegiale consultatie). Ook de bijgestelde agenda alsmede de bijbehorende documenten worden digitaal ter beschikking gesteld. 3.. De agenda vermeldt de te behandelen onderwerpen. 4.. Een voorstel wordt op de agenda geplaatst indien 1 Indien er onenigheid bestaat bij de concerndirectie(leden) en / of bij wethouder(s)over de behandelrijpheid van een voorstel, beslist de voorzitter na eventuele tussenkomst van de (loco)-secretaris.: namens de (loco)-secretaris is getoetst of het voorstel gelet op de kwaliteit, integraliteit, de compleetheid van de stukken en de gevolgde procedure gereed is voor behandeling in de collegevergadering en; de wethouder het voorstel (digitaal) heeft gezien en heeft ingestemd met de behandeling van het voorstel.2 Bij elk voorstel is er één wethouder eindverantwoordelijk. 5.. De agenda vermeldt als eerste punt de rondvraag, gevolgd door de beeldvormende en oordeelsvormende punten ter collegiale consultatie. Vervolgens worden de bespreekvoorstellen, per wethouder (aangeduid met letter) gegroepeerd en genummerd, op de agenda geplaatst, waarbij wekelijks een andere portefeuille als eerste wordt vermeld. Daarna volgen de hamerstukken. Tot slot beslist het college over de vaststelling van de besluitenlijst, gevolgd door vaststelling van het memorandum en de representatielijst. 6.. In bijzondere gevallen kan het college besluiten een voorstel of onderwerp ook zonder de in het 4e lid bedoelde toetsing en paraaf(parafen) op de agenda te plaatsen. 7.. In spoedeisende gevallen kunnen, met instemming van de burgemeester (voorzitter), onderwerpen ter behandeling aan de agenda worden toegevoegd. 8.. Uit hoofde van zijn zorg voor de eenheid van het collegebeleid kan de burgemeester onderwerpen aan de agenda voor een vergadering van het college toevoegen, alsmede ten aanzien van geagendeerde onderwerpen een eigen voorstel aan het college voorleggen. Wanneer de burgemeester van deze bevoegdheid gebruik maakt stelt hij de betrokken wethouder(s) daarvan, zo mogelijk, van tevoren in kennis. Toelichting: De in artikel 8 lid 4 sub a bedoelde toetsing wordt met het oog op kwaliteitsborging gedaan en wel door een toetsingscommissie bestaande uit de loco-secretaris, een bestuurlijk-juridisch adviseur, een strategisch adviseur financiën en een communicatieadviseur.

Rechtspraak bij dit artikel