Indien de subsidieverlening 5.000 euro bedraagt of hoger, maar minder dan 50.000 euro, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling in bij het college:
bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar;
bij een subsidie als bedoeld in artikel 6, tweede lid, uiterlijk dertien weken na het verricht zijn van de activiteiten.
De aanvraag tot subsidievaststelling bevat:
een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;
een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);
een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop.
Het college kan verlangen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de subsidievaststelling van belang zijn, worden overgelegd. Dit staat vermeld in de beschikking als bedoeld in artikel 9.
Als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, is ingediend, kan het college de subsidieontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen. Wordt de aanvraag niet binnen deze termijn ingediend dan kunnen zij overgaan tot ambtshalve vaststelling.
Artikel 14.
Eindverantwoording subsidies vanaf 5.000 tot 50.000 euro
Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Bergeijk 2018