Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 2

Artikel 25

Inspreekrecht burgers, bedrijven en instellingen

Onderdeel van Reglement van orde van het Raadsplein 2018

Tijdens een Raadsplein kunnen burgers, bedrijven of instellingen het woord voeren. Het woord kan niet gevoerd worden over voorstellen tot het benoemen van personen. Degene die gebruik wil maken van het spreekrecht dient dit onder vermelding van het onderwerp, vóór 10.00 uur op de dag van de vergadering te melden bij de griffier. Het spreekrecht geldt niet voor personen die het woord willen voeren namens een politieke partij die in de raad vertegenwoordigd is. Het spreekrecht geldt niet voor die personen die eerder over hetzelfde onderwerp in een Raadspleinvergadering gebruik hebben gemaakt van het spreekrecht, tenzij het voorstel afwijkt van het voorstel dat eerder is behandeld. Voor niet-geagendeerde onderwerpen geldt dat slechts 1x per half jaar door dezelfde persoon kan worden ingesproken. De spreker wordt verzocht de bijdrage op schrift, voorzien van naam en contactgegevens aan de griffier ter hand te stellen. De spreker wordt door de voorzitter voor ten hoogste 5 minuten het woord verleend. De fracties kunnen de spreker vragen stellen. De spreker krijgt gelegenheid in tweede instantie maximaal 2 minuten het woord te voeren. Indien er meerdere insprekers zijn, bepaalt de voorzitter de volgorde van sprekers. De voorzitter kan, gelet op het aantal sprekers en de beschikbare tijd, de spreektijd inkorten dan wel verlengen. De voorzitter doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de spreker, indien het een onderwerp betreft dat niet op de agenda staat.

Rechtspraak bij dit artikel